Kompas

Kompassen bestaan in verschillende vormen, maar steeds is de ‘naald’ het belangrijkste. De naald wijst steeds naar het magnetische noorden. Deze is aangeduid door een hoofdletter ‘N’ of het is de rode pijl (de witte pijl wijst naar het zuiden, dus vergis je niet!). Deze (rode) pijl wijst steeds naar het (magnetische) noorden. De naald werkt omdat ze magnetisch is, daarom moet je steeds opletten waar je je kompas gebruikt. Leg hem nooit op een metalen tafel als je je wil oriënteren, let op als je in de buut bent van grote metalen voorwerpen of hoogspanningskabels, want deze zullen het kompas beïnvloeden, waardoor ze niet correct af te lezen zijn. Controleer af en toe je kompas door het te vergelijken met dat van een vriend. Als beiden kompassen in dezelfde richting wijzen, zijn ze wellicht beiden goed (leg ze daarbij niet vlak bij elkaar of ze zullen elkaar beïnvloeden).